Aubrieta - verzorging

Aubrieta - verzorging

Deze naam werd aan dit geslacht gegeven door de Franse plantkundige Michel Adanson, die in 1727 in de Provençe werd geboren, maar in 1806 in Parijs overleed, nadat hij jarenlang in de (toen Franse) Afrikaanse kolonie Senegal had geleefd en gewerkt.

Hij had een grote bewondering voor de Franse bloemen- en vlinderschilder Claude Aubriet die ongeveer een eeuw eerder leefde (1651-1742). Aubriet was als Koninklijke botanische schilder verbonden aan de tuin van de Franse koning te Parijs en was (en is) beroemd om zijn weergaloze, exact weergegeven, bijna fotografische illustraties van bloemen, planten en (kleine) dieren.

Het is zo dat Aubrieta’s graag in iets kalkhoudende, goed doorlatende grond en op een zonnige tot licht beschaduwde plek groeien. Maar in de praktijk blijken deze planten ook pH-neutrale tot zelfs lichtzure grond nog te verdragen.  Aubrieta ‘Kitte’ woekert niet, maar als deze zich te sterk uitbreidt, kun je hem gerust iets snoeien. ‘Kitte’ verzacht de scherpe, harde lijnen van terrasranden, muurtjes en paden.  

Bij langdurige droogte water geven. Geef liever geen voedingsstof met een hoog stikstofgehalte. De planten worden daardoor vorstgevoeliger. Houd het liever bij organische meststoffen zoals compost of gedroogde koemestkorrels. Wil je de planten vermeerderen, dan kan dat heel eenvoudig door ze te delen. De liggende stengels bewortelen ook weer.


Je kunt Aubrieta ‘Kitte’ mooi compact houden door de plant na de bloei flink terug te snoeien. Het kan dan zijn dat de plant in het najaar nog eens gaat bloeien.

Onze tuincentra